Inloggen

Berend Heringa: In de schaduw van Mansholt

    johan
    Door johan in de groep Ambtenarengeschiedenis! 1066 dagen geleden

    Persoonsgegevens

    Naam:                        Heringa, Berend, roepnaam Bé

    Geboren:                    Slochteren, 16 oktober 1916

    Woonplaats:               Schuddebeurs

    Overheidsdiensten:      Ministerie van Landbouw (directoraat Voedselvoorziening), Europese Commissie (Directoraat-Generaal Landbouwzaken, DG VI)

    Haagse jaren

    Het is voor Bé Heringa een enorme overgang als hij in november 1945 op het Haagse ministerie van Landbouw aan zijn nieuwe baan begint. Hij is geboren in Slochteren en gewend aan de rust en weidsheid van het Groningse platteland. Voor de oorlog studeert hij in Wageningen. De studie wordt geen succes - hij is te nerveus – maar de liefde wel: hij ontmoet er zijn toekomstige vrouw. Ze trouwen in de oorlog en met haar verhuist Bé naar Den Haag.

    Als aan de binnenlandse voedselschaarste na 1948 een einde komt, is het verzekeren van de exportmarkten voor de Nederlandse landbouw één van de belangrijkste taken van het ministerie. Dat is geen eenvoudige zaak. De oorlog heeft alle landen doordrongen van het belang van eigen landbouwproductie. Bescherming van de eigen landbouw is meer dan ooit een zaak van nationaal belang. Op het ministerie van Landbouw worden twee richtingen gevolgd. Eén richting volgt de traditionele benadering om met afzonderlijke landen jaarlijks handelsakkoorden te sluiten over hoeveelheden en prijzen. De socialistische minister van Landbouw Sicco Mansholt is niet overtuigd van deze bilaterale aanpak. Mansholt zet in op multilaterale regelingen om de internationale landbouwmarkt structureel open te breken.

    Hoewel Heringa, als CHU’er de politieke kleur van Mansholt niet deelt, groeit hij in de Haagse jaren uit tot een belangrijke vertrouweling van de minister. Heringa maakt snel carrière op het ministerie. Hij is ambitieus, ook omdat hij gevoel heeft zich te midden van vele afgestudeerde ‘Wageningers’ extra te moeten bewijzen. Misschien is dat juist wat Mansholt en Heringa bindt, want ook Mansholt is geen studiehoofd, blijft twee keer zitten op de HBS en kan niet naar Wageningen. Heringa wordt directeur en een vaste wekelijkse gesprekspartner van Mansholt. Ze delen de overtuiging dat multilaterale overeenkomsten de enige manier zijn om de agrarische exportmarkt voor de toekomst veilig te stellen. Mansholt beperkt zich tot de grote lijnen en de presentatie naar buiten, er op vertrouwend dat Heringa op de achtergrond kundig zorgdraagt voor de details.

    Brussel

    Als Mansholt in 1958 naar Brussel vertrekt om vorm te gaan geven aan het Europees Landbouwbeleid vraagt hij Heringa mee te gaan. Op het ministerie heerst enige scepsis over de Europese plannen. Als Heringa zijn directeur-generaal Franke op de hoogte brengt van zijn vertrek, voegt deze hem toe: ‘Ga jij maar naar Brussel, daar komt toch niks van terecht’. Maar Heringa heeft er alle vertrouwen in.

    Het Europees Landbouwbeleid moet vanaf de grond worden opgebouwd. De complexiteit van deze exercitie, met alle verschillende producten, nationale regelingen en belangentegenstellingen is niet te onderschatten. Dat dit beleid tot stand is gekomen en daarmee het Nederlandse belang van één Europese exportmarkt is gerealiseerd, is niet alleen te danken aan een man als Mansholt, maar zeker ook aan de selecte groep ambtenaren van het Comité Spécial Agriculture (CSA) die op de achtergrond de regelingen uitdenken en voorkoken. De Europese Commissie laat zich in het CSA vertegenwoordigen door Heringa. Als woordvoerder van de Commissie en vertrouweling van Mansholt, drukt Heringa als geen ander een stempel op de landbouwregelingen die het CSA uitdenkt. Heringa schrijft de voor Nederland zo belangrijke zuivelregeling, zelfs inclusief een voorziening om overschotten te voorkomen. Maar dat laatste element sneuvelt tot zijn teleurstelling in een ministerraad.

    Als de landbouwvoorstellen uiteindelijk in de Raad van Ministers op tafel komen om tijdens berucht geworden marathonvergaderingen tot besluiten te komen, is niemand zo goed op de hoogte als Heringa. Mansholt verdedigt de voorstellen met verve, beperkt zich tot de hoofdlijnen en kan altijd terugvallen op de detailkennis van Heringa. Als een marathonvergadering vastloopt en de Commissie wordt gevraagd met een eindvoorstel te komen, schorst Mansholt de vergadering en gaat met een select gezelschap, waaronder Heringa, naar een restaurant. Daar worden alle openstaande punten gewogen en een eindvoorstel gesmeed waar alle landen iets van hun  gading in kunnen terugvinden. Op deze momenten blijkt de dossierkennis van Heringa, van cruciaal belang voor de voortgang in Europa.

    Heringa heeft in Brussel de tijd van zijn leven en vervult zijn functie tot 1973. Dan kraakt het landbouwbeleid in al zijn voegen als gevolg van de overschotten.

    Heringa geniet tot op hoge leeftijd van zijn pensioen in het Zeeuwse buurtschap Schuddebeurs (bij Zierikzee).

    Tot slot

    Vaak is de taak van een ambtenaar ondankbaar: op de achtergrond belast met details van complex beleid. Een radertje in het geheel. Voor Heringa is dat niet anders. Maar zijn onbetwiste  deskundigheid stelt Mansholt in staat uit te groeien tot grondlegger van het Europees Landbouwbeleid en één van de grote Europanen van zijn tijd.

    dr. J.H. Molegraaf


     

    Bronnen

    Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis, Amsterdam, archief Mansholt.

    Particulier archief Mansholt, Nijmegen.

     

    Literatuur

    Sicco Mansholt, De crisis (Amsterdam, 1975).

    Johan van Merriënboer, Mansholt. Een biografie (Amsterdam, 2006)

    Johan Molegraaf, Boeren in Brussel. Nederland en het Gemeenschappelijke Europees Landbouwbeleid 1958-1971 (Utrecht, 1998).

    johan

    johan

    Wie ben ik

    Ik ben als externe SAP consultant/projectleider werkzaam bij P-Direkt. Heb geschiedenis gestudeerd in Utrecht en ben in 1999 gepromoveerd op een proefschrift over de Nederlandse rol bij de...

    Reageren is alleen mogelijk voor aangemelde gebruikers