Inloggen

De regeringscommissaris die Belgische vluchtelingen opving

    Thomas Hessels
    Door Thomas Hessels in de groep Ambtenarengeschiedenis! 937 dagen geleden Reacties (1)

    De regeringscommissaris die Belgische vluchtelingen opving

    Wilhelm, Johannes, Petrus, Antonius

    Amsterdam, 23 mei 1864 – Voorburg, 21 december 1948

    Opleiding: onbekend, militaire training

    Woonplaats: verschillende,  in Nederlands-Indië en Nederland

    Functie: regeringscommissaris vluchtoorden Hontenisse en Uden (1915-1920)

    Onderscheidingen: Officier in de orde van Oranje-Nassau

     

    Dit is het verhaal van ‘zomaar’ een ambtenaar in de roerige tijd dat Belgische vluchtelingen bij het begin van de Eerste Wereldoorlog halsoverkop de Nederlandse grens oversteken om hier veiligheid te zoeken tegenover de oprukkende Duitse troepen. Zomaar een ambtenaar die trouw zijn dienstopdracht vervult, in zijn geval het runnen van een opvangkamp in het Noord-Brabantse Uden.  Geen topambtenaar die we kennen uit de geschiedenisboeken. Wel een voorbeeldige rijksdienaar, in de combinatie van inhoudelijke betrokkenheid en logistieke perfectie.

     

    J.P.A. Wilhelm heet hij. We weten niet eens zijn roepnaam, zal wel Johann zijn geweest. Als 16-jarige gaat hij in militaire dienst, in het leger van Nederlands Indië, klimt daar op tot luitenant-kolonel/overste (1880-1915), wordt vervolgens benoemd tot regeringscommissaris (aanvankelijk plaatsvervangend) voor de opvang van Belgische vluchtelingen in de vluchtoorden Hontenisse en Uden (1915-1920) en beëindigt zijn carrière als burgemeester van Eibergen (1921-1934). Hoe en waarom hij precies de dienstopdracht kreeg om een vluchtelingenoord te gaan leiden, vertellen de historische bronnen niet. Die vertellen wel over een statige, deftige, maar vooral goedhartige man. Er is zo’n statige foto van hem, in het midden zittend als hoofdverantwoordelijke voor het vluchtoord Uden, omringd door zijn administrateurs, de nodige pastoors en kapelaans, onderwijzers, verpleegkundigen en ander uitvoerend personeel.

     

    Vluchtoord Uden is met rijksgeld gebouwd in 1915, als een dorp van houten barakken op de Udense hei. In de volksmond heet het al snel ‘het kamp’ of ‘het Belgisch dorp’. Slaapbarakken, scholen, eet/verblijfszalen, een ziekenhuis, een kerk, magazijnen voor voedsel en kleding, een ‘Raadhuis’ met bestuurskamers en een postkantoor, een washuis, een badhuis en enkele werkplaatsen voor de mannen. Ongeveer 7.000 vluchtelingen verblijven hier tot de capitulatie van Duitsland op 13 oktober 1918, de laatste bewoners keren in 1919 terug naar België. Het vluchtoord wordt in 1921 afgebroken. Op dezelfde plek komt in 1997 het industrieterrein ‘Vluchtoord’. Een ‘Belgenlaan’ en een kunstwerk doen nog herinneren aan het voormalige kamp. 

     

    Dankwoord van een vertegenwoordiger van het “Officieel Belgisch Comiteit voor Nederland” aan Regeringscommissaris Wilhelm op 7 juli 1915: (…) “Daarom is het een zegen voor de duizenden, welke onder Uw hoede staan, dat Ued. door voorbeeldige schoolinrichting, goede geestelijke verpleging, ruimte arbeidsverschaffing en over het algemeen door het scheppen van een gezonden en zoo normale wijze van samenleven mogelijk, bij  deze meest het moraal en het vertrouwen in het leven tracht hoog te houden en ze zedelijk en verstandelijk gaaf en zoo mogelijk verbeterd aan het vaderland terug te geven. Deze indruk zal mij als een frissche en tot erkentelijkheid steunende herinnering uit mijn bezoek bijblijven.”

     

    Wilhelm vestigt – hier herkennen we de militair –  een streng regime in het vluchtoord, inclusief  reglementen en een minutieuze boekhouding. Veel van de administratie is bewaard gebleven, door Wilhelm in 1937 persoonlijk overgedragen aan het ministerie van Binnenlandse Zaken. Alle inkomsten en uitgaven, de reglementen, de organisatiestructuur, stapels brieven. Er zit zelfs een sonnet in het archief, geschreven door de bewoners, dat de lof over Wilhelm bezingt. Bijna alle stukken zijn in sierlijk handschrift, hoogstwaarschijnlijk in het net geschreven door ‘schrijvers’, een ambtelijke rang die nog lang in stand bleef nadat het zijn feitelijke betekenis heeft verloren. Stukken van officiële instanties,zoals de rijksoverheid, zijn in die tijd de eerste die getypt verschijnen.

     

    Naast Uden worden er nog enkele andere rijkswoonoorden opgericht in Ede, Gouda en Nunspeet om de grote toestroom van vluchtelingen in goede banen te leiden. Op  het hoogtepunt zoeken 1 miljoen Belgen hun toevlucht in het nabije Nederland, op een Nederlandse bevolking van 6,3 miljoen. Plaatsen als Hulst, Roosendaal, Bergen op Zoom hebben enige tijd meer vreemde dan eigen inwoners. Heel Holland helpt mee met voedsel, dekens en kleren. Scholen, patronaten, fabrieken en schuren worden de eerste dagen als logementen gebruikt. Na enkele maanden keert het merendeel van de Belgen weer huiswaarts. En groot deel van de ongeveer 150.000 die langer in Nederland moeten blijven, worden onder coördinatie van het rijk in de genoemde woonoorden worden geplaatst.

     

    Nu, honderd jaar later, speelt een vergelijkbare exodus zich af in het Midden-Oosten, ver van het veilige Nederland. Mensen die van de ene op de andere dag moeten vluchten en alleen maar denken aan lijfsbehoud. De wereld is intussen veranderd, de opvang daar is anders, maar de mengeling van gastvrijheid die individuele burgers bieden en de terughoudendheid van de politiek vanwege mogelijke onbeheersbare gevolgen is vergelijkbaar. Een grensbevolking die alles doet om de ontredderde vluchtelingen op te vangen, tegenover politici die zich afvragen hoeveel er komen, hoe lang ze blijven en wat dit betekent voor de politieke positie van het ontvangende land. Hart en hoofd. Maar in de Troonrede van 1914 maakt Koningin Wilhelmina toch duidelijk dat Nederland “diep begaan is met het lot van de Belgen en dat ons land de ongelukkigen met open armen zal opvangen”. Regeringscommissaris Wilhelm heeft daar met alles wat hij in zich heeft gevolg aan gegeven.   

     

    Literatuur:

    Veel informatie over Vluchtoord Uden is te vinden op de websites van het Brabants Historisch Informatie Centrum (www.bhic.nl) en de Werkgroep Uden www.vluchtoord-uden.nl

    Verdeyen, R.W.R. (1920) België in Nederland 1914-1919

    Roodt, Evelyn de (2000) Oorlogsgasten, vluchtelingen en krijgsgevangenen in Nederland tijdens de Eerste Wereldoorlog.

     

     

     

     

     

     

    Reacties

    Volgorde van reacties: Aantal: Automatisch laden:

    Reageren is alleen mogelijk voor aangemelde gebruikers